mijn site
        

Inleiding
Gunnhilda
Ludrad
Tilda
Thibald
Dorestad 825
     

Dorestad 825 - biografieën

Biografieën

naam: Gunn(hild)a Einarsdottir

geboorteplaats: Ribe, Denemarken

beroep: Moeder van 4, spinster, weefster, vroedvrouw, runenleesster

21e eeuw: Lizet



Geboren in Ribe. Dochter van Einar en Gudrun Olofsdottir. Jongste zuster van Thorfast, Sven en Kani

Als dochter van een handelaar hebben we het goed in huize Einar. Ik leer naast de huishoudelijke taken van mijn moeder en oma ook zaken over handeldrijven en politiek van mijn vader en ben ik in de leer van de lokale wijze vrouw om meer kennis te vergaren over het lezen van runen en het voorspellen van het weer.

Al vroeg in mijn leven wordt er een huwelijk gesloten tussen mij en Thorvalt om de band tussen onze vaders te verstevigen. Thorvalt reist samen met zijn vader om handel te drijven en na ons huwelijk was het te snel dat hij de haard verliet. Ik was kapot van het feit dat hij weer op pad ging en zwoer dat als hij terug kwam ik hem bij me zou houden. Terwijl hij weg was kwam ik erachter dat ik zwanger was van ons eerste kind. Ons huishouden is op orde en ik ben de sleuteldraagster van ons fortuintje. Maar zonder man is het toch zwaar.

Omdat ik niet wou dat mijn zoon zonder een vader zou opgroeien ging ik en mijn zoon met mijn vader mee naar Dorestad om hem te zoeken. Thorvalt was alweer te lang weg en ik maakte me zorgen over hem en de toekomst van mijn zoon. De kleine heb ik nog geen naam gegeven omdat ik dat samen met Thorvalt wou doen. Ik had een onbestemd gevoel.

Daar aangekomen keek ik mijn ogen uit, ik mocht het schip niet verlaten omdat een vrouw alleen in Frankenland niet veilig was. De wereld heeft zoveel meer te bieden dan Ribe alleen. Op één van de dagen dat we in Dorestad lagen kwam er een jonge man aan boord om handel te drijven. Een prachtige jongen waar ik mijn ogen niet vanaf kon houden. Ook de kleine was stil met hem in de buurt. Een goed teken. Als sneeuw voor de zon verdwenen mijn donkere vermoedens over het eventuele weduwschap en werd verliefd. Ik gaf hem de opdracht om in de stad te achterhalen wat er met Thorvalt gebeurt was. Hij kwam terug met nieuws dat ik eigenlijk al wist. Thorvalt was dood. Gestorven in gevecht tijdens een van zijn drankuitspattingen. Ik heb mijn eerst geborene naar hem vernoemd.

Het was duidelijk, ik was een vrije vrouw en ik wilde en kon meteen mijn verliefdheid consumeren. Ik nam Ludrad en heb hem de mijne gemaakt. Met toestemming van mijn vader spendeerde ik een heerlijke tijd met Ludrad. Ik maakte kennis met een andere cultuur. Een cultuur met 1 god. Vreemd maar het is Ludrad zijn cultuur.

Ik merkte dat ik zwanger was van mijn tweede kind en wilde mijn verbindtenis met Ludrad bekend maken. We hebben onze verbintenis in familiekring bekrachtigd. Ik ben in Dorestad gebleven zodat ons kind daar geboren kon worden. Een dochter! We noemen haar Trudhilde (Tilda). Zo'n mooi klein maar gezond kindje. Ludrad en ik zijn heel gelukkig maar zijn vader maakt me gek en ik moet echt een eigen huis.

We vertrekken met z'n vieren naar Ribe en hebben een huishouden in een klein maar functioneel huisje bij de markt. Ook al heb ik genoeg zilver om goed van te leven, wil ik dat we veel zaken verhandelen omdat onze dochter toch een bruidsschat nodig zal hebben en ik heb een naam hoog te houden. Ik baar nog twee kinderen, een jongen en een meisje. Het gezin is nu compleet.

Inmiddels bezit ik de titel wijze vrouw en help andere vrouwen met bevallen en met ziekte. Ik heb een prachtig weefgetouw en maak veel stoffen. Kleine tilda leer ik al wat spinnen en ze doet het prima. Mijn zoon gaat in de leer bij mijn broer Thorfast en mag straks als hij een man is mee met de handelsreizen.

Slechte berichten bereiken ons. Ludrad zijn broer is ziek en we moeten terugkeren naar Dorestad. Ludrad werkt zich moe maar hij is jong en gezond. We verdienen weinig maar genoeg om van te sparen. Ludrad is een goede ambachtsman en niet beroerd om de handen uit de mouwen te steken. Tilda en ik doen onze bijdragen in de vorm van textiel. We gaan met regelmaat terug naar Ribe om waar te verkopen en ik kan weer bijpraten met de vrouwen. In Dorestad is het moeilijk om mijn kennis op peil te houden. Ik lees met regelmaat mijn runen stenen en vereer Odin in stilte. Ik smeek Freya om een kleinkind en doe met regelmaat een offer.

Iedere zomer als we naar Ribe vertrekken hoop ik op een jonge man voor Tilda. Een viking zal ze huwen. De andere twee kinderen draaien mee in het huishouden. de jongste zoon leert zaken van zijn vader zoals mandenvlechten en het maken van spelletjes.

Mijn zoon Thorvalt reist met mijn broer Thorfast en brengt ieder jaar een mand vol kostbaarheden voor mij mee. De oliën, de gedroogde vreemde vruchten, de verfstoffen en de zijde zijn een verwelkoming. Van de oliën maak ik zalven en die verkopen goed…

© Dorestad 825, 2008-2009